maandag 27 februari 2012

Geloof, geloof ik

Een paar maanden terug vroeg een vriendin of ik in God geloofde.Ik werd er even stil van.Mijn antwoord toen en nu is dat ik het eigenlijk niet weet.Soms ben ik er van overtuigd dat we een toevallige ontwikkeling in de historie van het universum zijn.En soms ben ik ervan overtuigd dat er een hogere macht is die dit alles heeft gecreëerd.Soms hoop ik dat er een God is,zodat er een reden voor ons bestaan is,dat het leven niet doelloos is.Maar ik heb ook momenten dat ik niet wil dat er een God is.Wat er allemaal wel niet uit zijn naam wordt gedaan,God zou er diep bedroefd van zijn. 
Het antwoord op de vraag luidt dus nee.Ik twijfel dus ik geloof niet. 
Iet s wat ik absoluut wel geloof is dat religie kracht en macht geeft.Karl Marx noemde het niet voor niks ” opium van het volk” 
Kracht omdat het mensen houvast biedt.Als ze zich netjes aan de regels houden komt alles wel goed.Als er iets naars gebeurt komt dat of doordat je je niet genoeg aan de regels houdt of je geloof wordt op de proef gesteld.Mensen houden van die duidelijkheid.Het geeft je leven zin.Het bepaald je plek en waarde in de maatschappij.Het maakt het leven overzichtelijk. 
En dat geeft de religies hun macht.Het nadeel van macht is dat maar heel weinig mensen hier verstandig mee om kunnen gaan.Macht maakt het slechtste in de mens los.Macht wil altijd groeien.Alleen de hele sterken en kundigen erkennen dit gevaar en kunnen er mee omgaan. 
Religie wordt ook gebruikt als wapen.Het wordt zeer geregeld in gezet om het eigen gelijk aan te tonen.Elke religie gaat ervan uit de enige echte waarheid in pacht te hebben.De rest van de wereld heeft dat alleen nog niet begrepen. 
Ik geloof niet in religie.Ik denk graag voor mezelf.Ik ben wars van de kerkelijke regeltjes.De normen die zij preken zijn eerbaar maar ze leven ze zelf zo weinig na.De 10 geboden zijn een prachtige leefwijzer.Waarom overtreedt men uit naam van God de eerste dan zo vaak? 
Ik geloof in mensen.Ik geloof dat er in elk mens goed en kwaad zit maar dat de mens geneigd is het kwaad te onderdrukken en het goede te laten bloeien.Ook dit geloof wordt geregeld op de proef gesteld,maar als overtuigd gelover zie ik altijd weer sprankjes hoop.Een mens dat vriendelijk doet.Een persoon die belangeloos iets voor een ander over heeft.De liefde tussen mensen.De onbevangenheid van een kind. 
Dit geeft mijn leven houvast.Hierin schuilt voor mij de hoop op goede tijden.En natuurlijk probeer ik zelf ook zo in het leven te staan.Laat mij maar lekker naïef in het leven staan.Ja ik ga af en toe hard op mijn bek,maar ik krijg er zo veel moois voor terug dat ik dat er graag voor over heb. 

Herfstgevoelens

Al enkele dagen regent het zachtjes als hij ’s ochtends naar school moet. Hoopvol kijkt hij naar zijn moeder maar zonder te verblikken of blozen zet ze gewoon de fietsen klaar. Met een zucht stapt hij op en fietst naar school. 
Maar vanmorgen had hij een voorgevoel. ”Mam,het regent.Gaan we met de auto?” Zijn moeder is weer eens onverbiddelijk. Zo hard regent het niet en hij is toch niet van suiker? Nog iets dieper zuchtend dan anders stapt hij weer op zijn fiets. 
Onderweg bedenkt hij zich dat zijn moeder gelijk had. Het miezert meer dan dat het regent. Het valt allerzins mee. Maar toch heeft hij dat voorgevoel. Hij kan het maar niet kwijtraken. Nou ja,zijn moeder zal het wel weten. Misschien heeft ze de buienradar wel geraadpleegd. 
Als hij op school aankomt zet hij zijn fiets in het rek en gaat spelen. Als de bel gaat gaat hij naar binnen. Er staat een drukke ochtend gepland met veel werk. Hij vergeet zijn voorgevoel. 
Aan het eind van de ochtend heeft hij gym. Aan het eind van de gymles valt hem het geroffel op het dak op. Het hoost! Ach ze moeten nog omkleden. Tegen de tijd dat hij daar mee klaar is zal het wel over zijn. 
Ondertussen stapt zijn moeder op de fiets. Het is hoog tijd om naar school te fietsen om de jongste op te halen. Terwijl ze wegfietst denkt ze nog even aan haar oudste. Dat gezeur altijd dat hij met de auto wil. Het is dan misschien geen prachtig weer maar het is maar 5 minuten fietsen. Hoe erg is dat nou? 
Ze trapt stevig door tegen de wind in. Plotseling valt haar de lucht voor haar op. Een prachtige indrukwekkende staalgrijze lucht. En hij komt hard haar kant op. Het zal toch niet! 
Enkele minuten later barst het noodweer los. Een echte najaarsstorm lijkt het. Het waait en de regen komt met bakken uit de hemel. Ze is ogenblikkelijk doorweekt. Als de jongste naar buiten komt lijkt het op te klaren, maar schijn bedriegt. Als ze thuis zijn druipen ze van het regenwater. Het loopt letterlijk met stralen uit hun haren en kleren. Ze pakt handdoeken en verteld de jongste dat hij zijn natte spullen moet uittrekken. 
Dan gaat de achterdeur open. Terwijl er zich een plas water aan zijn voeten vormt zegt hij: ”Zie je wel.Ik zei je toch dat ik het voorgevoel had dat het ging stortregenen!” En terwijl hij zijn natte goed uittrekt glimlacht hij. Hij kent zijn moeder. Die heeft nu ernstig medelijden.Vanmiddag zit hij prinsheerlijk in de auto! 

Modieus decolleté

Ter aanvulling van mijn wintergarderobe heb ik een jurk gekocht.Dit is geen wereldschokkend nieuws ik koop en draag wel vaker jurken,maar dit is zo’n hele hippe.Zo’n jurk met een enorme lap stof aan de voorkant die vanaf de hals veel onbedekt laat.Een watervalhals. 
Nu ben ik allang geen 18 meer.Ik draag de jurk dus keurig met een hemdje eronder omdat ik het zonder veel te bloot en veel te koud vind.Ja modieus zijn is leuk hoor maar allang niet meer ten koste van fatsoen en comfort. 
Dat hemdje moet dan wel voldoen aan een aantal eisen.Het moet goed passen zodat er geen rolletjes en vouwen door ontstaan.Het moet glad zijn zodat de jurk er goed over heen blijft hangen en niet op onstrategische plekken blijft hangen.En het moet er ook nog een beetje leuk uitzien. 
Buiten de jurk om heb ik dus mijn garderobe ook nog eens aangevuld met handenvol hemden.Erg handig met al die decolletémode die heerst. 
Door moeder natuur ben ik zeer goed uitgerust voor deze mode.Met een beetje goede bh en zo’n aansluitend hemdje heb ik decolleté zat.En het ziet er nog wel aardig uit ook.Maar er kleeft wel een enorm nadeel aan.Er past van alles bij in. 
Regendruppels vallen zo vanaf mijn hoofd op mijn borsten.Kinderhandjes verdwijnen in de diepte om eens fijn je te gaan kietelen,mannenblikken proberen door te dringen tot je navel(geloof me,dat wil je echt niet zien)en als ik een boterham eet zit ik een half uur later nog de kruimels van mijn vel af te plukken.En moet je dan ter afwisseling eens crackers eten.Dat zijn pas pokkekruimels! 
De hele dag zit ik dus van alles tussen mijn vel en hemd vandaan te plukken.Geregeld sta ik erg onelegant met mijn jurk omhoog om alles wat er tussen is gevallen er weer uit te schudden.En daarna weer proberen alles fatsoenlijk op zijn plaats te krijgen. 
In de praktijk blijkt die geweldig leuke en zeer modieuze jurk dus erg onhandig.Maar een muts blijft een muts,hij staat me echt geweldig.Daar moet ik dan maar wat ongemak voor over hebben.Maar langer dan een dag hou ik dat niet vol.Dan wordt er gauw weer een spijkerbroek met bijpassende slobbertrui uit de kast getrokken. 

Vertwijfeling

Er hangt een mist om mijn hoofd.Een mist veroorzaakt door een wolk van twijfels.De mist vertroebelt mijn blik.Ik ben het zicht op mijn motieven kwijt.Mijn gevoel is versluierd .Mijn beoordelingsvermogen ziet wazig.En dat maakt me in de war. 
Er moeten keuzes worden gemaakt en vragen worden beantwoord maar mijn zicht wil maar niet helder worden.Steeds weer trekt de mist van twijfels op.Elke keuze roept een andere mogelijkheid op.Elk antwoord veroorzaakt nieuwe vragen. 
Ik tuur in de nevels om het landschap van gevolgen te overzien.Ik staar mij blind op alle mogelijkheden. 
En zo dwaal ik rond in een woud van mogelijkheden en antwoorden.Ze doemen plotseling op uit de nevels van mijn gedachten.Ze overvallen me.Ze verwarren me.Ik kan ze niet in het juiste perspectief plaatsen. 
Langzamerhand voel ik mijn andere zintuigen versterken.Ze nemen de functie van mijn zicht over.Maar ik durf er nog niet op te vertrouwen.Ik ben nog te afhankelijk van het zien.Ik hoop op een stevige wind die de mist zal verjagen.Ik wacht op een storm die zal woeden waarna de wereld helder als nooit tevoren zal zijn. 
Maar afwachten heeft geen zin.Het pad voert mij gewoon verder.Het wacht niet op me.Ik zal moeten volgen.Ik zal de keuzes toch moeten maken.De vragen moeten worden beantwoord.Ik zal moeten afgaan op mijn andere zintuigen.Hoe eng ik het ook vind. 
Ik zal mijn angst moeten overwinnen.Het onder ogen zien is de eerste stap.Pas als ik op mijzelf durf te vertrouwen zal de mist oplossen.Die verrekte mist veroorzaakt door twijfels. 

De buurman van Kader Abdolah

Gisteravond zat ik op MSN te chatten met een collega-leesfreak. We hadden het over onze nieuwste aanwinsten,aanraders en favoriete schrijvers. Mijn chatmaatje prees de boeken van Kader Abdolah de hemel in. Ik moest tot mijn grote schaamte bekennen dat ik nog nooit een boek van hem had gelezen. En dat terwijl ik de man in kwestie een paar keer had ontmoet. 
Verbazing alom bij mijn maatje. Hoe kan het dat jij die man hebt ontmoet? Ik gleed terug in de tijd. 
Ik zal een jaar of 14,15 zijn geweest toen er een meisje bij ons op school kwam wat tot die tijd bij haar vader in Zwolle had gewoond. Maar door nare omstandigheden moest ze bij haar moeder gaan wonen en kwam bij ons op school terecht. 
We vormden met 3 tienermeisjes een vriendenclubje. We deden dingen die meisjes van die leeftijd doen. We gingen de stad in, we aten patat, we dronken koffie en we kletsten en giebelden erg veel. 
We kregen de leeftijd om te gaan stappen. Na een paar keer lokaal uit te zijn geweest stelde S. voor om eens in Zwolle te gaan stappen. En omdat we dan allemaal met vervoer zaten haar vader te vragen of we bij hem mochten logeren. 
Haar vader was een aparte man. Hij was een typische oude hippie-homo. Jarenlang had hij in de kast gezeten, was getrouwd,kreeg 2 kinderen en was diepongelukkig. Na vele gesprekken met zijn vrouw kwam hij uit de kast. Hij scheidde en werd gelukkig met een vriend. Door omstandigheden(hij was kunstenaar en huisvader,zij had net een nieuwe voltijdbaan die veel tijd kostte) besloten ze dat de kinderen bij hem bleven. 
Er braken jaren van oprecht geluk aan. Tot het moment dat zijn relatie werd verbroken. Hij raakte in een zeer ernstige depressie en werd opgenomen. Na uitgebreid onderzoek kwam aan het licht dat hij manisch-depressief was. 
Zo goed en zo kwaad als het ging pakte hij zijn leven weer op. Het ging heel redelijk met hem. We konden komen logeren. 
We stapten op de trein naar Zwolle. Daar stapten we in de bus naar Westenholte. Onderweg wees S. ons op het buurtcentrum waar haar vader vrijwilligerswerk deed. Hij was vooral erg begaan met vluchtelingenwerk. Zijn directe buurman was Iranees. 
Bij de vader thuis aangekomen werden we verwelkomd en direct voorgesteld aan de buurvrouw en haar baby die op bezoek waren."Ja,"zei de vader,"ze moet haar Nederlands oefenen." 
We dronken thee met het gezelschap. De deurbel ging. De buurman kwam ook even langs. Toen het gezelschap was vertrokken vertelde de vader het trieste verhaal van deze familie. Vluchtelingen uit Iran. Een intelligente man,een schrijver. Hij wilde erg graag intergreren maar had veel moeite met de taal. Vooral omdat ze overal in de buurt werden genegeerd en ze dus niemand hadden om de taal mee te oefenen. ”Tja,dat doe ik dus” 
Na enkele maanden vertelde S. dat het weer erg slecht ging met haar vader. Hij was opgenomen op de PAAZ-afdeling. We besloten hem te gaan bezoeken als hij dat wilde. Na enkele weken was hij zover dat hij S. belde om te zeggen dat het hem fijn leek als ze met haar vriendinnen kwam. 
Wederom stapten we op de trein naar Zwolle. Al giebelend en geinend liepen we het ziekenhuis binnen. We kwamen de ontmoetingsruimte binnen waar S. met haar vader had afgesproken. We waren niet het eerste bezoek van die dag. De buurman zat bij hem. Ze hadden een intensief gesprek. Op een gegeven moment hoorde ik S. haar vader zeggen:”de medicijnen helpen inderdaad tegen de diepe dalen,maar ze nemen me ook mijn hoge toppen af” Wat dat precies inhield begreep ik op dat moment niet,maar de woorden zouden nog lang nagalmen in mij hoofd 
Dat was de laatste keer dat ik S.haar vader zag. Ik veranderde van school ,zij kreeg een serieuze relatie en de tienervriendschap doofde uit. Wel kreeg ik nog geregeld van mijn andere vriendin die S. op school nog geregeld sprak,updates hoe het met haar vader ging.Over het algemen waren de berichten positief. Het ging weliswaar emt vallen en opstaan maar er zat vooruitgang in. 
Vlak voor haar eindexamen vertelde S. dat het uitstekend ging. Haar vader was begonnen als model voor mannenmode en was daar goed in. Hij had een paar hechte vriendschappen en hij was verliefd. Drie maanden later kregen we een rouwkaart. S’haar vader was dood,zelfmoord. In zijn afscheidsbrief stond:Ik wil niet leven met diepe dalen maar ook niet zonder hoge toppen. 
Ondanks dat de vriendschap niet meer bestond besloten wij(de andere vriendin en ik) dat we naar de uitvaart wilden. Deze lieve,intense man zou gemist worden. We wilden afscheid nemen. 
Tijdens de uitvaartdienst hield de buurman een voordracht.Het was een prachtige voordracht, vol liefde en passie. Een voordracht die de vader van S. recht deed. Deze buurman was Kader Abdolah. 
Ik vertelde dit verhaal in verkorte versie aan mijn MSN-maatje. Vol verbijstering las ik haar antwoord. In één van de boeken van Kader Abdolah speelt een buurman een heel belangrijke rol. Ze zocht het boek voor me op bij Bol.com. Ik klikte de link aan en ging naar het inkijkexemplaar. Met stomheid geslagen las ik de eerste paar bladzijden. Dit kon niet missen. De man die hier omschreven werd was de vader van S.! En dat meisje wat hij bij de buurman in huis ziet….Dat is S.! 
Het is verbazingwekkend hoe ruim 15 jaar later ik zo direct de man herken. Ik word weer helemaal teruggezogen in de tijd en beleef alles opnieuw. 
Dit boek gaat worden aangeschaft. Een exemplaar voor mij en een exemplaar voor de andere vriendin 

Met de trein

Al heel wat jaren woon ik in een klein stadje met een treinstation.Dat heeft zijn voor- en zijn nadelen.Het grote voordeel is natuurlijk dat er een station is.Ik hoef geen kilometers te reizen voor ik in de trein kan stappen.Het nadeel is dat ik voor bijna elke eindbestemming minstens 1 keer moet overstappen. 
Nu ben ik daar onderhand aardig op ingespeeld.Ik heb zelfs van deze nood een hele goede deugd gemaakt. 
Omdat Meppel een klein en in OV-land onbeduidend stadje is zijn de aansluitingen verre van optimaal.Meestal moet ik in Zwolle 10 tot 20 minuten wachten voor de volgende trein vertrekt.Deze tijd benut ik door het roken van een sigaret,het halen van koffie en een broodje en als ik erg lang moet wachten duik ik het boekhandeltje in de stationshal nog even in voor wat leesvoer voor onderweg. 
Bepakt en bezakt begeef ik mij dan naar het perron.Op het perron moet ik altijd even mijn reisschema controleren.Deze schrijf ik thuis altijd even op een briefje met tijd en perron van aankomst,tijd en perron van vertrek en de tijd en plek van aankomst.Dit briefje stop ik altijd heel zorgvuldig in mijn tas.Samen met een telefoon,een mp3-speler,een boek en een puzzelboekje en pen.Op het station is er in die tas nog een boek bijgekomen,is er een tijdschrift ingestopt en zorgvuldig boven op al deze troep ligt het broodje te wachten om in de trein opgepeuzeld te worden.Het is dus altijd een heel gehannes om het briefje te pakken te krijgen. 
Als dat dan is gelukt stop ik het briefje weer terug.Ik neem eens een slok van mijn koffie(Auw!Nog steeds heet) en bedenk me dat ik mijn mp3-speler wel in mijn oren kan hangen.Dat dempt de holle en toch harde geluiden zo lekker. 
Weer duik ik in mijn tas.Kopje koffie in de hand,broodje erbij,rommelen in de tas tussen alle spullen om het draadje met de oordopjes eruit te frummelen en de mp3-speler op te vissen.Oja,laat ik mijn telefoon ook maar even pakken want ik zou nog een sms’je sturen als ik in de trein zat.Ojee,mijn handen vol.Maar nergens meer een handig bankje om even je spullen op te zetten zodat je ongegeneerd met 2 handen in je tas kan gaan rommelen.Het lijkt wel of ze met de invoering van het rookverbod op perrons ook maar meteen al die bankjes waar je dan zo lekker tochtig en koud op kon zitten hebben verwijderd.Waar moet ik nu mijn uitstalling laten.Zuchtend laat ik de mp3-speler en de telefoon weer in de tas vallen. 
De trein komt aan.Nogmaals controleer ik op de borden of dit de goede is en stap in.Ik zoek een plaatsje.Liefst heb ik een plekje met tafeltje zodat ik eindelijk mijn koffie en broodje kan parkeren.Dan kan ik eindelijk eens goed in mijn tas kijken om mijn telefoon op te diepen en dat sms’je versturen.Ook kan ik nu bij dat handige kleine zijvakje met rits om de oordoppen van de telefoon uit te halen.Laat die mp3-speler maar zitten.Ik luister wel naar de muziek op de telefoon.In lezen heb ik ook al geen zin meer en het tijdschrift kan me momenteel ook niet boeien. 
In gedachten verzonken drink ik mijn koffie,eet mijn broodje en geniet van de buitenwereld die voorbij trekt.He,wat is reizen met de trein toch heerlijk ontspannend. 

een krik,een kruissleutel en een reservewiel

Afgelopen dagen kreeg je op hyves na het plaatsen van en krabbel steeds een reclamebericht te zien waarin je werd gevraagd of je ooit een wiel had verwisseld.Uit de grond van mijn hart kan ik daarop antwoorden ‘Nee nog nooit’ 
Ik heb nu 10 jaar mijn rijbewijs.In de tijd dat ik leste was men bezig met het omturnen van de traditionele methode naar het rijbewijs nieuwe stijl.Ik heb nog wel het oude theorie-examen gedaan(geslaagd met vlag en wimpel) maar in de rijlessen kwam het stukje autotechniek al wel een beetje om de hoek kijken. 
Zo vond mijn instructeur dat ik de diverse lampjes op het dashboard moest kunnen benoemen.En ook wat ik moest doen als er zo’n lampje ging branden.Ik vond het nogal simpel.Er brandt een lampje dus zet de auto op een daarvoor geschikte plek neer en pak je instructieboekje.Daarin staat precies wat je moet doen als er wat voor lampje dan ook gaat branden. 
De instructeur(type norse,oude man) keek eens meewarig en zuchtte diep.Hij wist dat ik gelijk had maar peperde me flink in dat ik van sommige lampjes toch echt de betekenis moest leren want dat was BELANGRIJK.Vervolgens vroeg hij me wat ik nodig had als ik een lekke band zou krijgen.En ja,ik zat alleen in de auto.Daar hoefde ik niet lang over na te denken.Een krik,een kruissleutel ,een reservewiel en een ANWB-pasje. 
Met stomheid geslagen staarde de instructeur eventjes voor zich uit.Aan zijn gezicht te zien was hij hard aan het nadenken hoe hij hier nou op moest reageren.Hij besloot het vaderlijk te doen. 
-Maar wat nou als je midden in de nacht langs de kant van de weg staat? 
-In de auto blijven zitten met de deuren op slot en de ANWB bellen. 
-Maar het is toch een simpel karweitje? 
-O vast wel,maar toevallig eentje waar ik helemaal geen zin in heb.Ik ben toch niet voor niks lid? 
De bloeddruk van de instructeur begon merkbaar te stijgen.Hij liep rood aan en hij begon zeer geagiteerd te sputteren.’Belachelijk dat je niet zelf dat wiel gaat wisselen.Dat gezeur altijd van vrouwen dat ze dat niet kunnen.Mopper,mopper,mopper’. 
Kortom,ik had een antwoord gegeven wat juist was.Alle attributen die nodig waren had ik opgenoemd.Hij was het er alleen ernstig mee oneens dat ik dan niet zelf dat wiel ging wisselen. 
Toen ik dan eindelijk mocht afrijden is mij nooit gevraagd naar het wisselen van een wiel.En ik heb toch 3 keer afgereden.De lampjes bleken ook een stuk minder belangrijk dan verwacht.Alle examinatoren vonden het voldoende dat ik wist hoe het lampje van de handrem eruit zag en dat ik wist dat je moest stoppen als het olielampje ging branden vonden ze allemaal een soort bonus.Kortom,mijn instructeur maakte zich druk om niks. 
Nu 10 jaar later zit mijn jongste zoon in de klas bij de kleinzoon van mijn rijinstructeurs kunnen goed met elkaar overweg en spelen geregeld.Op een van die speelafspraakjes hebben zijn moeder(de dochter van de instructeur) en ik het over de nieuwe lesauto van haar vader.Ik vertel het verhaal over het verwisselen van het wiel.Lachend kijkt ze me aan en verteld wat zij nodig heeft om een wiel te verwisselen.Een krik,een kruissleutel,een reservewiel en het telefoonnummer van haar vader!